Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017
Onder 2.6. Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:181.
Uit het citaat volgt dat de begrippen ex tunc en ex nunc hier worden gebruikt in een andere zin dan thans gebruikelijk. Tegenover elkaar staan enerzijds een vernietiging met terugwerkende kracht zonder bescherming van derden te goeder trouw en anderzijds een vernietiging met terugwerkende kracht mét bescherming van derden te goeder trouw. De positie van derden te goeder trouw is in de onderhavige zaak niet aan de orde. Dat ook de Memorie van Toelichting uitging van een terugkeer in de boedel van een overgedragen goed zonder ‘teruglevering’, blijkt duidelijk uit de vermelding bij art. 42 Fw dat aan de curator ook het revindicatoir beslag ten dienste staat. Art. 51 Fw, dat spreekt van een teruggave uit hoofde van onverschuldigde betaling, doet dus niet af aan de werking van het causale stelsel van art. 3:84 BW.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d400ef417a8fc0d0af1a0d271e7a3d7fcb2d548eae9bd9d11664263118f95893. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d400ef417a8fc0d0af1a0d271e7a3d7fcb2d548eae9bd9d11664263118f95893, en de alinea staat in dat document op bytes 15742 tot 16778.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d400ef417a8fc0d0af1a0d271e7a3d7fcb2d548eae9bd9d11664263118f95893 | shasum -a 256