Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017
Onder 8.9 Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:201.
Ik merk ten overvloede het volgende op. Een swapcontract kan voortijdig worden beëindigd. Als de marktrente is gestegen en de swap wordt beëindigd, ontvangt de klant een afkoopsom van de bank, die correspondeert met het renteverschil over de toekomstige periode. Omdat de klant na beëindiging van de swap niet meer de per saldo vaste rente, maar de hogere variabele rente op de geldlening zal aftrekken, moet een dergelijke ontvangen vergoeding mijns inziens - ineens - worden belast als negatieve aftrekbare rente. Is de marktrente gedaald, dan zal bij beëindiging een afkoopsom aan de bank betaald moeten worden. Die acht ik vergelijkbaar met de boeterente die betaald moet worden als de klant een vastrentende lening oversluit naar een lager rentende variabele versie en is daarom mijns inziens aftrekbaar, mogelijk getemporiseerd op de voet van art. 3:120(4) Wet IB 2001 indien een beroep op (het gelijkheidsbeginsel en) het Besluit eigenwoningrente 2010 niet mogelijk is. Volgens dat Besluit is reële boeterente (niet in wezen vooruitbetaalde toekomstige rente op de nieuwe lening) ineens aftrekbaar.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/77946313389321dd45f8e51850b2a2619ef2ac90f658cdb313e21e7c0fe1f02e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 77946313389321dd45f8e51850b2a2619ef2ac90f658cdb313e21e7c0fe1f02e, en de alinea staat in dat document op bytes 87665 tot 88922.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/77946313389321dd45f8e51850b2a2619ef2ac90f658cdb313e21e7c0fe1f02e | shasum -a 256