Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017

Onder 5.6. Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:208.

Het middel faalt overigens ook omdat het berust op een verkeerde lezing van de bestreden uitspraak. Voorwaardelijk opzet is niet bewezenverklaard. Het hof is immers, door te oordelen dat het schieten op de woonwagen “niet anders kan worden aangemerkt dan als een handeling die onmiskenbaar gericht is op de dood van personen die zich in die woonwagen bevinden” kennelijk van oordeel dat de verdachten met “vol” opzet hebben gehandeld. Ik merk daarbij – min of meer ten overvloede – op dat dit oordeel naar mijn mening niet onbegrijpelijk kan worden genoemd. Ik neem daarbij in aanmerking dat uit de bewijsvoering blijkt dat de woonwagen werd doorzeefd (de politie telde 27 inslagen), dat de beschieting plaatsvond op een doordeweekse avond en op een tijdstip (rond 23.00 u ’s avonds) waarop bewoners veelal thuis zijn, dat de rolluiken van de woning open waren en achter die ramen licht brandde en dat alle schoten gericht waren op het benedengedeelte waar het licht brandde. Ik wijs er voorts op dat door of namens de verdachte niet is aangevoerd dat de schutters andere bedoelingen hadden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e834095c5fc07dae6c7c1410a896eedd031ba3aa119a20438399403017fe6ec6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e834095c5fc07dae6c7c1410a896eedd031ba3aa119a20438399403017fe6ec6, en de alinea staat in dat document op bytes 19700 tot 20819.