Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017
Onder 7.4. Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:210.
Het middel berust op de opvatting dat voorwaardelijk opzet bij “dit soort incidenten” alleen kan worden aangenomen als er “vrij harde argumenten” zijn op grond waarvan vastgesteld kan worden dat de verdachte “wist” dat er iemand in de woning was of daar althans “ernstig rekening mee hield”. Die opvatting is onjuist. Vereist is dat de verdachte zich bewust was van een aanmerkelijke kans op een dodelijke afloop (en die kans aanvaardde). Daarbij gelden voorts de gewone bewijsregels. De bewustheid kan dan ook afgeleid worden uit de omstandigheden van het geval.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/9ecd5fbf0c7062ab181d2a82fa76ed3f8393cbcbab9ad464fb90d9f673d1ab66. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 9ecd5fbf0c7062ab181d2a82fa76ed3f8393cbcbab9ad464fb90d9f673d1ab66, en de alinea staat in dat document op bytes 53569 tot 54226.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/9ecd5fbf0c7062ab181d2a82fa76ed3f8393cbcbab9ad464fb90d9f673d1ab66 | shasum -a 256