Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017

Onder 5.7 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:221.

Een betere aansluiting op het feitelijke privégebruik van de auto van de zaak betekende een verruiming van de mogelijkheden tot tegenbewijs. Deze kwamen (tot 2004) tot uitdrukking in een gestaffeld bijtellingspercentage (variabilisering). Dat werkte als volgt. In beginsel werd de bijtelling ten minste gesteld op 25% van de waarde van de auto. Afhankelijk van de omvang van het privégebruik kon echter een lagere forfaitaire bijtelling in aanmerking worden genomen. Daarmee bracht de wetgever dus een zekere verfijning aan in de bijtellingsregeling. Voor het jaar 2001 beliepen de relevante gereduceerde percentages bijvoorbeeld 0%, 15% en 20% bij een privékilometrage van 500, 4000 respectievelijk 7000. Hiertoe diende een rittenadministratie te worden bijgehouden. In de memorie van toelichting is hierover opgemerkt:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eab1dbcffc4fd776fbfd667f2ff0cff597a61e2268dd3b7e7bd3c88f18a90653. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eab1dbcffc4fd776fbfd667f2ff0cff597a61e2268dd3b7e7bd3c88f18a90653, en de alinea staat in dat document op bytes 63800 tot 64892.