Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017
Onder 6.6 Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:221.
1. Uit de onderhavige casus blijkt dat de beoordeling van en de bewijslastverdeling betreffende de vraag of een auto ter beschikking is gesteld aan een werknemer klaarblijkelijk nog steeds vragen oproept. Bekend is dat een auto ter beschikking is gesteld als een werknemer de auto mag gebruiken voor zakelijke (inclusief woonwerkverkeer) en privédoeleinden, waarbij normaliter alle kosten, lasten en afschrijvingen voor rekening van de werkgever zijn (Kamerstukken II 1998/99, 26727, 3, p. 185). Tevens is een auto ter beschikking gesteld indien een werknemer met de eigen auto rijdt, maar alle autokosten, eventueel verminderd met een bedrag voor privégebruik, van de werkgever vergoed krijgt (vlg. HR 29 oktober 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2148, BNB 1997/395). In de onderhavige casus oordeelt de Hoge Raad dat de twee auto’s van het hotel niet aan de werknemers ter beschikking zijn gesteld, omdat zij niet de feitelijke macht over deze auto’s uitoefenden. Zij konden en mochten de auto’s niet voor privégebruik aanwenden, maar uitsluitend voor zakelijke doeleinden. De inspecteur heeft niet aannemelijk kunnen maken dat er andere doeleinden waren waarvoor de werknemers de auto’s gebruikten of konden gebruiken. Hierdoor werd niet toegekomen aan de fictie van art. 13bis Wet LB 1964. Het oordeel van de Hoge Raad wijkt af van de visie van de Advocaat-Generaal (hierna: A-G), die concludeerde dat het besturen van de auto als het ter beschikking stellen kan worden aangemerkt. In zijn conclusie van 29 januari 2015 (13/04993) legt de A-G teveel nadruk op de tweede volzin van art. 13bis lid 1 Wet LB 1964. Volgens de A-G veronderstelt deze wettelijke fictie dat eerst moet worden vastgesteld dat sprake is van zakelijke terbeschikkingstelling. Indien dit het geval is, treedt meteen de wettelijke fictie van (ook) privégebruik in werking, die vervolgens vatbaar is voor tegenbewijs van de kant van de belastingplichtige. Voor de praktijk zou dit betekenen dat enkel het besturen van de auto door de werknemer voldoende is om aan te nemen dat de auto ter beschikking is gesteld. Deze benadering is onjuist en is bijvoorbeeld ook niet in lijn met doel en strekking van art. 13bis Wet LB 1964 (vlg. r.o. 4.3. van ’s hofsuitspraak). Voor de vraag of een auto ter beschikking is gesteld is de feitelijke beschikkingsmacht beslissend. Indien het gebruik van een auto door de werknemer slechts ziet op de uitvoering van bepaalde opdrachten van de werkgever, zoals het vervoeren van personen of goederen, blijft de feitelijke beschikkingsmacht bij de werkgever en is geen sprake van een terbeschikkingstelling in de zin van art. 13bis Wet LB 1964. Een belangrijk criterium om te bepalen waar die feitelijke beschikkingsmacht ligt, is of de werknemer zelf kan bepalen voor welke doeleinden hij de ter beschikking gestelde auto gebruikt. Het is van belang dat de werknemer de feitelijke macht over de auto kan uitoefenen in de door hem gewenste zin. Dat de werknemer in staat is om de auto voor verschillende doeleinden te gebruiken is niet relevant. Het in staat zijn ziet op het bewijsvermoeden en geeft geen antwoord op de vraag of een auto aan de werknemer ter beschikking is gesteld. Tevens heeft een onvolledige rittenadministratie, het geen of ontoereikend toezicht houden op het gebruik van autosleutels en het ontbreken van de administratieve vastlegging van het sleutelgebruik, niet tot gevolg dat sprake is van een terbeschikkingstelling van een auto. Laatstgenoemde factoren kunnen wel als tegenbewijs door de inspecteur worden gebruikt, indien de belastingplichtige stelt dat met de ter beschikking gestelde auto voor niet meer dan 500 kilometer privé is gereden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/eab1dbcffc4fd776fbfd667f2ff0cff597a61e2268dd3b7e7bd3c88f18a90653. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt eab1dbcffc4fd776fbfd667f2ff0cff597a61e2268dd3b7e7bd3c88f18a90653, en de alinea staat in dat document op bytes 81709 tot 85402.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/eab1dbcffc4fd776fbfd667f2ff0cff597a61e2268dd3b7e7bd3c88f18a90653 | shasum -a 256