Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017

Onder 3.14 Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:229.

In de tweede plaats – en dit wijst juist een andere kant op – lijkt mij hier strikt genomen geen sprake van een bindende eindbeslissing, omdat de beslissing uit het rolarrest om de eisvermeerdering uit petita 3, 4 en 5 niet toe te staan in het dictum van het rolarrest staat. Als dit rolarrest gekwalificeerd moet worden als een rolbeschikking, dan kon daar later naar mij voorkomt door het hof op worden teruggekomen, zonder gebonden te zijn aan de regels bij terugkomen op bindende eindbeslissingen. Maar zowel benaming als inhoud wijzen niet op een rolbeschikking, maar op een rolarrest , dat dan in zoverre kwalificeert als een deelarrest en daartegen stond geen cassatie open op grond van art. 130 lid 2 Rv. Ik kom op de kwalificatie deelarrest uit, omdat in een uitdrukkelijk dictum over het bij wege van eisvermeerdering gevorderde (schadestaatverwijzing voor gemaakte kosten op grond van onrechtmatige daad) een einde wordt gemaakt, namelijk door de betreffende eis niet toe te laten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/344c151fbc52d3a634af83c49f4bb07d50afab941449d5dac56da560a78a2ac2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 344c151fbc52d3a634af83c49f4bb07d50afab941449d5dac56da560a78a2ac2, en de alinea staat in dat document op bytes 68670 tot 69844.