Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017

Onder 3.42 Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:229.

Subonderdeel i.4.31 klaagt over een onterechte afwijking in rov. 13 van het oordeel in rov. 3.9.1 van het verwijzingsarrest, waarin is geoordeeld dat een verdeling alleen betrekking kan hebben op goederen die tot een gemeenschap behoren en dat, nu dat volgens het hof niet het geval was met het schilderij, van een verdeling geen sprake kan zijn geweest. Door toch te oordelen dat [eiser] op grond van de verdelingsovereenkomst eigenaar is geworden, heeft het hof zijn gebondenheid aan dat oordeel volgens de klacht miskend en blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting met betrekking tot het gesloten stelsel van eigendomsverkrijging en eigendomsovergang (art. 3:80 BW). Deze klacht miskent dat in het verwijzingsarrest weliswaar de redenering van het hof is onderschreven, maar dat de premisse – dat geen sprake was van gemeenschap, omdat [verweerder] eigenaar was gebleven – binnen de grenzen van de rechtsstrijd na cassatie in de verwijzingsprocedure niet langer opging.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/344c151fbc52d3a634af83c49f4bb07d50afab941449d5dac56da560a78a2ac2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 344c151fbc52d3a634af83c49f4bb07d50afab941449d5dac56da560a78a2ac2, en de alinea staat in dat document op bytes 104267 tot 105310.