Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2017
Onder 2.3.2 Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:237.
“De bruiklener is gehouden de zaak terug te geven in de staat waarin hij haar van de uitlener heeft ontvangen. Aldus ook de H.R. in zijn arrest van 30 april 1937, N.J. 1937 no. 900. Doet hij dit niet of niet tijdig, dan levert dat op een tekortschieten van de bruiklener in de nakoming van zijn verbintenis en zal hij verplicht zijn de schade te vergoeden die dientengevolge door de uitlener wordt geleden, tenzij de tekortkoming niet aan hem kan worden toegerekend. Dit volgt uit artikel 6.1.8.1. Artikel 6.1.8.2 bepaalt voorts dat een tekortkoming aan de schuldenaar niet kan worden toegerekend indien zij niet te wijten is aan zijn schuld en evenmin aan een oorzaak welke krachtens de wet, een rechtshandeling of de in het verkeer geldende opvattingen voor zijn rekening komt. Aan deze bepaling zal dus de richtlijn moeten worden ontleend voor het antwoord op de vraag in hoeverre een tekortkoming van de bruiklener ten aanzien van zijn verplichting tot teruggave van de zaak aan hem kan worden toegerekend. Door de wettelijke bepalingen van artikel 6.1.8.10 en die van titel 7.6 wordt de inhoud van dat antwoord nader geregeld.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0002dfb8582d36fe56f6dbf0e32662b9631c88ba5f9702f51156b01741d3d846. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0002dfb8582d36fe56f6dbf0e32662b9631c88ba5f9702f51156b01741d3d846, en de alinea staat in dat document op bytes 20786 tot 21993.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/0002dfb8582d36fe56f6dbf0e32662b9631c88ba5f9702f51156b01741d3d846 | shasum -a 256