Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017
Onder 4.1 Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:248.
“Tussen de materiële vraag naar de doeltreffendheid resp. billijkheid van de aldus gekozen maatstaf en de andere vraag of, deze maatstaf eenmaal aan de heffing ten grondslag liggende, de rechter de verordening wegens haar willekeurige uitwerking onverbindend moet verklaren, moet echter een onderscheid worden gemaakt. Voor de onverbindendverklaring is nl. niet voldoende dat van een willekeurige en onredelijke belastingheffing kan worden gesproken - wat dat dan ook moge zijn -, maar tevens is nodig dat de wetgever deze consequenties “bij het toekennen van de bevoegdheid tot het heffen van de (desbetreffende) belasting niet op het oog kan hebben gehad” (H.R. 2 maart 1960, BNB 1960/138, en vele latere).”
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198, en de alinea staat in dat document op bytes 75537 tot 76269.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198 | shasum -a 256