Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017
Onder 4.5. Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:248.
Aan dat oordeel heeft het Hof de gevolgtrekking verbonden dat, zakelijk weergegeven, de passagiersheffing, waarvan de hoogte aldus afhankelijk is gesteld van omstandigheden die geen invloed hebben op de mate van gebruik, tot een willekeurige en onredelijke belastingheffing leidt en dat de Verordening derhalve wat betreft de passagiersheffing onverbindend is. Met dat oordeel heeft het Hof tot uitdrukking gebracht dat de passagiersheffing - die moet worden gerekend tot de gebruiksretributies als bedoeld in artikel 277, lid 1, aanhef en letter b, onder 1°, van de gemeentewet (tekst tot 1994) - zich niet richt naar het gebruik dat met de veerschepen van de gemeentewateren wordt gemaakt, zodat aan de passagiersheffing verbindende kracht moet worden ontzegd. Gelet op hetgeen hiervoor in 4.3 is overwogen over de uitleg van de Verordening, is dit oordeel juist, zodat het middel ook faalt voorzover het tegen dit oordeel is gericht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198, en de alinea staat in dat document op bytes 130290 tot 131240.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/af65c4515ea8406fbcd18bc9dcc7f60f65aab4f0ed74448eeb93257a74ee1198 | shasum -a 256