Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Onder 3.6 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:286.
Bij de bespreking van de klachten dient het volgende te worden vooropgesteld. In verzoekschriftprocedures is (anders dan in dagvaardingszaken) het wettelijk uitgangspunt dat het verweer mondeling ter terechtzitting kan worden gevoerd (art. 282 Rv). Dit uitgangspunt geldt ook in hoger beroep met dien verstande dat een incidenteel appel wel bij verweerschrift moet worden ingesteld (art. 361 Rv). Verder is van belang dat het mondelinge verweer ook bij de beoordeling dient te worden betrokken als het griffierecht niet tijdig is voldaan. Het griffierecht wordt namelijk geheven voor de indiening van het verweerschrift en niet voor mondelinge bijdragen. Het hof heeft dus terecht overwogen dat (de advocaat van de) man ter zitting verweer mocht voeren tegen het appelschrift.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7443c67fa145584edfe4a34d87d8d9142bba7584d1ad8e7833df92189c22041b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7443c67fa145584edfe4a34d87d8d9142bba7584d1ad8e7833df92189c22041b, en de alinea staat in dat document op bytes 90601 tot 91455.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7443c67fa145584edfe4a34d87d8d9142bba7584d1ad8e7833df92189c22041b | shasum -a 256