Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Onder 2.16. Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:288.
De adoptief-moeder meent in haar verweerschrift dat deze stelling van de biologische moeder niet kan worden aangemerkt als een essentiële stelling waaraan het hof niet zonder nadere motivering voorbij had mogen gaan. Aan de adoptief-moeder kan worden toegegeven, dat de rechter in het algemeen mag afgaan op de toestand ten tijde van zijn uitspraak (of beter gezegd: op het tijdstip waarop de mondelinge behandeling in hoger beroep wordt gesloten). Op dat tijdstip werkte de biologische moeder full-time en in een (twee)ploegendienst. Daar valt echter het volgende tegen in te brengen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6dc0435d834825b3b2c54aa724ea497f5abc9673b7f64b953cd570715cf3a41b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6dc0435d834825b3b2c54aa724ea497f5abc9673b7f64b953cd570715cf3a41b, en de alinea staat in dat document op bytes 30892 tot 31561.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6dc0435d834825b3b2c54aa724ea497f5abc9673b7f64b953cd570715cf3a41b | shasum -a 256