Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:291.
Het hof heeft niet vastgesteld dat [verweerder] medehuurder van de bovenwoning was en ook niet dat hij op enig moment (met toestemming van de verhuurder) de huur van zijn ouders heeft overgenomen. Het hof heeft echter ook niet vastgesteld dat dit níet het geval is. Aldus is in het midden gebleven of [verweerder] uit hoofde van huur gerechtigd is tot het gebruik van de bovenwoning. Na verwijzing zal het hof met toepassing van de regels van art. 7:267 en 7:268 BW (voortzetting huur door medehuurder na overlijden) moeten beoordelen of [verweerder] medehuurder is geworden en na het overlijden van zijn moeder huurder, dan wel of hij de huurovereenkomst met instemming van de verhuurder heeft overgenomen van zijn ouders (of moeder).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f609ae334cdb5d4643bbf7e73daf76fd1c65ea0a09f5d07e396f7ca0b56a7535. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f609ae334cdb5d4643bbf7e73daf76fd1c65ea0a09f5d07e396f7ca0b56a7535, en de alinea staat in dat document op bytes 21796 tot 22622.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f609ae334cdb5d4643bbf7e73daf76fd1c65ea0a09f5d07e396f7ca0b56a7535 | shasum -a 256