Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Alinea 139 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:308.

42 “(...). Door de bank zijn geen bijzondere feiten of omstandigheden aangevoerd op grond waarvan in het onderhavige geval zou moeten worden aangenomen dat een door T. bij de oorspronkelijke schuldenaars gewekte veronderstelling, dat de in naam van de bank optredende personen bevoegd waren kwijting te verlenen, wel voor rekening van de bank dient te komen. (...).”, aldus de Hoge Raad in rov. 3.2 van het arrest. Deze overweging is weggelaten in de cassatiedagvaarding.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc, en de alinea staat in dat document op bytes 62159 tot 62647.