Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Alinea 64 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:308.
Het hof overweegt voorts dat aan zijn oordeel niet afdoet dat [eisers] naar eigen zeggen de hun toegezonden concept-akte niet in hebben gekeken, nu “gesteld noch gebleken” is dat [verweerders] dit wisten. Ook de e-mailwisselingen voorafgaand aan (3 augustus 2011) en volgend op (4 en 5 juni 2012) de toezending aan partijen door de notaris van de concept- splitsingsakte op 4 juni 2012 waar het hof tevens acht op slaat, maken dit oordeel niet anders. Het hof zet zijn oordeel nog kracht bij (“(d)it geldt te meer") met de overweging dat [verweerders] gezien het feit dat de volmacht van [eisers] expliciet was vermeld in een notariële akte (de akte van splitsing) erop mocht vertrouwen dat de volmacht ook daadwerkelijk was verleend.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc, en de alinea staat in dat document op bytes 29455 tot 30209.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc | shasum -a 256