Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Alinea 87 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:308.

Dit oordeel acht ik niet onbegrijpelijk, gezien het feit dat (i) in de e-mail van de notaris van 4 juni 2012 partijen om commentaar op de bij de mail gevoegde concept-splitsingsakte werden gevraagd, (ii) het voor [verweerders] kenbaar was dat [eisers] deze mail had ontvangen (en dus de mogelijkheid had om de stemverhouding te corrigeren indien nodig) en (iii) gesteld noch gebleken is dat [verweerders] wist dat [eisers] de concept-akte mogelijk niet hebben ingekeken. In het licht van deze omstandigheden immers, zoals reeds hiervoor onder 2.8 aangegeven, mocht [verweerders] uit de opname van de stemverhouding van 1:1:1 in de definitieve splitsingsakte de gevolgtrekking maken dat [eisers] de notaris (alsnog) gevolmachtigd hadden. Om dezelfde reden is evenmin onbegrijpelijk ’s hofs oordeel dat [verweerders] ondanks de mailwisseling van 4 en 5 juni 2012 redelijkerwijs mochten aannemen dat de in de splitsingsakte van 23 juli 2012 vermelde volmacht ook daadwerkelijk was verleend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc, en de alinea staat in dat document op bytes 45529 tot 46531.