Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:308.

Gezien het voorgaande acht ik niet onbegrijpelijk het oordeel van het hof dat genoemde e-mails er niet toe leiden dat [verweerders] niet gerechtvaardigd mochten vertrouwen dat de in de splitsingsakte van 23 juli 2012 vermelde volmacht daadwerkelijk was verleend. In dat licht is overigens evenmin onbegrijpelijk het niet door de motiveringsklacht van onderdeel 3 bestreden oordeel van het hof dat [verweerders] mocht aannemen dat [eisers] [betrokkene 3] kennelijk een toereikende volmacht had verleend.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bdbec7285bb29ca6608bcad4ffc5aa1593085b52ea7fc9ac476ab11d737bddc, en de alinea staat in dat document op bytes 47253 tot 47768.