Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:321.

Onderdeel III is gericht tegen het oordeel van het hof in rov. 3.9 dat onvoldoende gronden aanwezig zijn om te oordelen dat opzegging van de muziekuitgavecontracten alleen mogelijk is indien een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging bestaat. Volgens het onderdeel onder 19 is dit oordeel onjuist en/of onbegrijpelijk en heeft het hof miskend dat tussentijdse beëindiging van de overeenkomsten slechts mogelijk is in geval van onvoorziene omstandigheden die van dusdanige aard zijn dat de wederpartij naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid ongewijzigde instandhouding van de overeenkomst niet mag verwachten (HR 21 oktober 1998, ECLI:NL:HR:1988:AD0483, NJ 1990/439 ( Mondia/Calanda ) en HR 10 augustus 1994, ECLI:NL:HR:1994:ZC1428, NJ 1994/688 ( Aerts/Kneepens )). Volgens het onderdeel brengen de goederenrechtelijke aard en/of verplichtingen die voor bepaalde tijd zijn aangegaan (voor de duur van het auteursrecht), mee dat de overeenkomsten in beginsel niet opzegbaar zijn. Indien het hof het vorenstaande niet heeft miskend, heeft het althans zijn oordeel, dat de overeenkomsten in beginsel opzegbaar zijn, onvoldoende gemotiveerd, nu het hof onvoldoende aandacht schenkt aan de goederenrechtelijke aard van de overeenkomsten en/of de verplichtingen die voor bepaalde tijd zijn aangegaan.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27, en de alinea staat in dat document op bytes 88007 tot 89509.