Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017
Onder 3.36 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:321.
De overige door Nanada c.s onder 22 van de cassatiedagvaarding aangehaalde stellingen (a-c en e-g) zijn niet aangevoerd in het kader van de niet-opzegbaarheid van de overeenkomsten. Het hof behoefde, anders dan Nanada c.s. aanvoeren, deze stellingen dan ook niet kenbaar te betrekken in zijn oordeel dat er in dit geval onvoldoende gronden aanwezig zijn om te oordelen dat opzegging van de muziekuitgave-overeenkomsten alleen mogelijk is indien een voldoende zwaarwegende grond voor opzegging bestaat. Mocht ik dat niet goed zien, dan heeft naar ik meen te gelden dat deze opgeworpen hordes door het hof impliciet zijn verworpen (en gewoon de hoofdregel is toegepast van in beginsel opzegbaarheid). Overigens is het aspect van al dan niet terugverdiende investeringen (stelling c) door het hof expliciet verdisconteerd (en verworpen), dus dat dit niet zou zijn geadieerd, mist feitelijke grondslag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27, en de alinea staat in dat document op bytes 98135 tot 99081.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27 | shasum -a 256