Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 4.6 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:321.

Onderdeel 2 klaagt onder 2.1 dat het hof in rov. 3.5 heeft miskend dat indien een partij tekortschiet in de nakoming van een voortdurende verplichting, deze weliswaar in de toekomst alsnog kan worden nagekomen, maar daarmee de tekortkoming in het verleden niet ongedaan kan worden gemaakt. Nakoming is wat betreft deze tekortkoming in het verleden dan ook niet meer mogelijk. Daardoor is de wederpartij van de partij die tekortschiet in de nakoming van een voortdurende verplichting in beginsel bevoegd om de overeenkomst geheel of gedeeltelijk “rauwelijks” te ontbinden omdat in zo’n geval verzuim (of een ingebrekestelling die het verzuim doet intreden) voor het onstaan van die bevoegdheid niet is vereist.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cd2e4e43aa50517254e0346695aadefd93696743b622136862e30b14ab387b27, en de alinea staat in dat document op bytes 107541 tot 108349.