Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017

Onder 3.3. Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:324.

De vraag naar de te hanteren omrekeningsmaatstaf bij de vervanging van een vrijheidsstraf door een taakstraf op de voet van art. 14g lid 2 Sr is eerder aan de orde gekomen in twee arresten die in de schriftuur in een voetnoot worden aangehaald. Het ging toen in beide gevallen om de vervanging van een vrijheidsstraf van twee weken (14 dagen) door een taakstraf van 30 uur. Het verschil met de uitkomst van wat de steller van het middel de “gebruikelijke omrekening” noemt, te weten 28 uur, bedroeg hier dus slechts twee uur. Dat leverde geen reden voor cassatie op. Dat betekent dat de Hoge Raad niet de opvatting is toegedaan dat de maatstaf van art. 22d lid 3 Sr, die betrekking heeft op het aantal dagen vervangende hechtenis dat in de plaats komt van een mislukte taakstraf, zonder meer van toepassing is op het omgekeerde geval waarin een vrijheidsstraf wordt vervangen door een taakstraf. Wat de opvatting van de Hoge Raad dan wel is, is minder duidelijk. Dat komt doordat de overwegingen van de Hoge Raad waren toegesneden op het voorliggende geval. De Hoge Raad overwoog (ECLI:2014:776):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8ff2e24c55e3d71ff8b25cfd360ce64872556308a98d198c4e0279010718589. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8ff2e24c55e3d71ff8b25cfd360ce64872556308a98d198c4e0279010718589, en de alinea staat in dat document op bytes 8074 tot 9251.