Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Onder 3.14. Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:324.
Mijn conclusie is dat het ervoor gehouden moet worden dat de in punt 3.3 als derde genoemde mogelijke uitleg van de daar besproken overweging van de Hoge Raad de juiste is. Art. 22 lid 3 Sr bindt de rechter die toepassing geeft aan art. 14g lid 2 Sr op geen enkele wijze bij het bepalen van het aantal uren werkstraf dat voor de vrijheidsstraf in de plaats komt. De enige grens die de wet stelt, is het in art. 22c lid 2 Sr neergelegde maximum van 240 uur. Ik merk daarbij op dat het bezwaar dat voorheen tegen de hier verdedigde opvatting kon worden aangevoerd – namelijk dat het eind van het liedje kan zijn dat de veroordeelde langer van zijn vrijheid wordt beroofd dan het geval zou zijn als de tenuitvoerlegging van de oorspronkelijk opgelegde vrijheidsstraf straf was bevolen – ondervangen is door de correctie die de Hoge Raad op de overeenkomstige toepassing van art. 22d lid 3 Sr heeft aangebracht (zie punt 3.4). Ik merk voorts op dat ook bij de toepassing van art. 14g lid 2 Sr geldt dat de strafoplegging in het concrete geval begrijpelijk moet zijn en dat daarom van de rechter een nadere motivering kan worden verlangd als het aantal uren taakstraf waarop hij uitkomt verbazing wekt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e8ff2e24c55e3d71ff8b25cfd360ce64872556308a98d198c4e0279010718589. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e8ff2e24c55e3d71ff8b25cfd360ce64872556308a98d198c4e0279010718589, en de alinea staat in dat document op bytes 34205 tot 35419.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e8ff2e24c55e3d71ff8b25cfd360ce64872556308a98d198c4e0279010718589 | shasum -a 256