Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Onder 4.7 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:330.
De vraag is op basis van de tot nu toe gewezen rechtspraak niet te beantwoorden. Naar mijn mening kan zo’n vordering als een onzakelijke lening kwalificeren, omdat anders de merkwaardige situatie zou ontstaan dat een lening met een bepaalde looptijd van vijftig jaar of minder en een winstafhankelijke rente voor de crediteur, ongeacht haar zakelijkheid, een aftrekbaar verlies kan opleveren en een lening met een bepaalde looptijd en een vaste rente, als zij onzakelijk is, niet. Waar het ook in dit geval om gaat, is of het recht op een aandeel in de winst dat overeengekomen is, een zakelijke vergoeding is voor het risico dat de crediteur met de lening loopt. Zo niet, dan moet, als de crediteur met de debiteur gelieerd is, ervan uitgegaan worden dat de lening onzakelijk is. De crediteur moet dan ook in dit geval voor de aftrek van een verlies aantonen dat de lening niet uit aandeelhoudersmotieven is verstrekt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17, en de alinea staat in dat document op bytes 56900 tot 57834.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17 | shasum -a 256