Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Onder 6.8 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:330.
Het hof kende geen betekenis toe aan het feit dat belanghebbende ten tijde van het aangaan van de geldleningen nog geen aandeelhouder was in de BV. Volgens het hof konden de investeringen van belanghebbende als crediteur en de investeringen van belanghebbende als (toekomstig) aandeelhouder niet los van elkaar worden gezien en was belanghebbende een “package deal” overeengekomen. Het hof overwoog dat belanghebbende het debiteurenrisico van de leningen uitsluitend had aanvaard in zijn hoedanigheid van (toekomstig) aandeelhouder. Derhalve was volgens het hof sprake van een onzakelijke lening.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17, en de alinea staat in dat document op bytes 95421 tot 96035.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17 | shasum -a 256