Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Onder 6.28 Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:330.
Dus bijvoorbeeld als — nadat de lening is verstrekt en aandelen zijn verkregen — alle aandeelhouders naar rato van hun belang ook onzakelijke leningen verschaffen, is de conclusie dat het aandeelhouderschap voortvloeit uit het crediteurschap (en niet andersom) niet zomaar gerechtvaardigd. Dan ligt het voor de hand — zo interpreteer ik deze overweging — dat de leningverstrekking wel zijn grond vindt in het toekomstig aandeelhouderschap van de leningverstrekker, en kan de lening dus wel als onzakelijke lening worden gezien (zoals het Hof had gedaan).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17, en de alinea staat in dat document op bytes 139738 tot 140314.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/312568c80ed3444ebcd2607d89c495417bcb7588a1b0c7bedab3524e547b9b17 | shasum -a 256