Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Alinea 128 Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:358.

30. Indien de zesmaandentermijn van art. 3:316 lid 2 BW in de hier bedoelde gevallen loopt tot en met 25 juli 2007, dan moet vóór deze datum de individuele vernietigingsmogelijkheid wordt benut om de stuitende werking krachtens art. 3:316 BW van de Eegaleaseprocedure behouden. Wordt deze mogelijkheid benut, dan volgt daaruit dat op 18 november 2005 de verjaring nog steeds was gestuit en dan grijpt op dat moment ook de stuitingsgrond van art. 7:907 lid 5 (oud) BW aan. Nu de vernietigingsverklaring uiterlijk op 25 juli 2007 moet zijn uitgebracht, voegt de toepasselijkheid van art. 7:907 lid 5 (oud) BW echter praktisch gesproken niets toe.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8a95c8594fc98c0a6bd2291c21dd03da6c350627fc18d1dd1852ac4e4cd9b2ce. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8a95c8594fc98c0a6bd2291c21dd03da6c350627fc18d1dd1852ac4e4cd9b2ce, en de alinea staat in dat document op bytes 63046 tot 63706.