Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2017

Alinea 144 Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 maart 2017, ECLI:NL:PHR:2017:375.

22. Het hof heeft voorts bij zijn oordeelsvorming de aanwezigheid van [betrokkene 16] en [betrokkene 12] op het onderzoek ter terechtzitting in eerste aanleg betrokken. De steller van het middel meent dat het hof daaraan het doorslaggevende argument voor zijn oordeel heeft ontleend. Dat lees ik echter niet in de overwegingen van het hof. Dat neemt niet weg dat het hof bij zijn oordeel wel heeft betrokken de omstandigheid dat blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in eerste aanleg van 23 juni 2011 de genoemde raadslieden op die terechtzitting namens de benadeelden [A] Advocaten, dan wel [betrokkene 1] en/of de nabestaanden van [betrokkene 8] aanwezig waren. Het door het hof aangehaalde proces-verbaal houdt het volgende in:

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5fd7dc41875810ffdc9ed5fb60ae0c45bcf42e3c382f1c28c1e535455967a9d1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5fd7dc41875810ffdc9ed5fb60ae0c45bcf42e3c382f1c28c1e535455967a9d1, en de alinea staat in dat document op bytes 51892 tot 52647.