Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2017

Onder 7.11. Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:385.

In het licht van deze door het hof vastgestelde feiten en omstandigheden, acht ik het oordeel van het hof dat de verdachte een zodanig belangrijke rol heeft gehad in de taakverdeling rondom het ten laste gelegde transport dat er sprake is van een bewuste en nauwe samenwerking, niet onbegrijpelijk. Hierbij neem ik in het bijzonder in aanmerking dat de verdachte niet alleen het afleveradres voor de motorblokken met daarin xtc heeft geregeld – door het hof niet onbegrijpelijk aangemerkt als een essentiële voorwaarde voor het doen uitvoeren van het totale voorgenomen transport – en daarover contact heeft gehad met de mededaders, maar ook dat hij een aanzienlijk deel van de opbrengst (fl. 1,50 per pil bij een hoeveelheid van 104 kilogram xtc-pillen) zou ontvangen. Het hof heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat de mate waarin de verdachte – in vergelijking met [betrokkene 2] en ‘opa’ van wie vaststaat dat zij zeer nauw bij het transport waren betrokken – in de opbrengst zou delen, niet wijst op een betrokkenheid die beperkt is gebleven tot medeplichtigheid, maar die wijst op medeplegen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bbb1072db2ca55696cc860ddad67b6b0f4ef63448e4641769f4899a07bdbf5a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bbb1072db2ca55696cc860ddad67b6b0f4ef63448e4641769f4899a07bdbf5a9, en de alinea staat in dat document op bytes 78966 tot 80104.