Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017
Onder 11.2. Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:393.
Het hof heeft zijn oordeel ten aanzien van de aan- dan wel de afwezigheid van forensisch-technische sporen op de plaats delict als volgt opgebouwd. Uit het dossier komt naar voren dat noch het onderzoek van 1993-1994, noch het nadere forensisch-technisch onderzoek in de periode 2008-2011, sporenmateriaal heeft opgeleverd dat steun geeft aan de hypothese dat de verdachten ter plekke zijn geweest. Naar het oordeel van het hof kan daaruit evenwel niet worden geconcludeerd, dat betrokkenheid van de verdachten bij het delict is uitgesloten. Het hof heeft aan dat oordeel ten grondslag gelegd, dat de bewijskracht van de afwezigheid van belastend forensisch materiaal beperkt is, gelet op de (gebrekkige) omstandigheden waaronder het onderzoek in 1993 is verricht. Voorts is het hof van oordeel dat de afwezigheid van onbekend DNA of ander materiaal op het lichaam dan wel de kleding van het slachtoffer - met uitzondering van vier haren van vier onbekende donoren op de kleding van het slachtoffer die het hof niet delict-gerelateerd acht - als belastend noch als ontlastend kan worden geduid, gelet op het geweld dat de daders kennelijk op haar hebben uitgeoefend, zonder dat daarbij voor de politie vindbare sporen zijn achtergelaten. Deze overwegingen en conclusie van het hof zal ik onder het zesde middel nader bespreken.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6, en de alinea staat in dat document op bytes 115339 tot 116679.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6 | shasum -a 256