Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017
Onder 13.5. Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:393.
[Jane H.] heeft bij gelegenheid van haar eerste verhoor als verdachte op 11 april 1994 verklaard dat zij [Anil B.] , die zij in de nacht van 3 op 4 juli 1993 herkende op de plaats-delict, kende van haar bezoeken in die tijd aan de panden [c-straat 1-2] te Breda. Ook [Jenny L.] verklaart bij gelegenheid van haar eerste verhoor als verdachte over de aanwezigheid van [Anil B.] , [Appie T.] en [Ahmed L.] aan de [c-straat 1] . In haar vijfde verhoor als getuige, waarbij haar reeds de cautie was gegeven, verklaart [Carien N.] dat [Jane H.] in juni 1993 bij haar aan de [c-straat 2] kwam en ook de mensen leerde kennen van het pand aan de [c-straat 1] , onder wie [Ahmed L.] , [Anil B.] en [Appie T.] .
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6, en de alinea staat in dat document op bytes 239156 tot 239882.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5bcfb8e2fb9b51fbb5709214c977c3f0b82827325c1f6b364a19d8464ae2bce6 | shasum -a 256