Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 april 2017
Alinea 50 Parket bij de Hoge Raad 11 april 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:397.
18. Op grond van art. 359, derde lid, Sv moet de beslissing dat het feit door de verdachte is begaan, steunen op de inhoud van in de uitspraak opgenomen bewijsmiddelen, houdende daartoe redengevende feiten en omstandigheden. Kennelijk heeft het hof de onder 17 weergegeven verklaringen van verdachte redengevend geacht voor de bewezenverklaring van feit 2 (en/of feit 3). Dat oordeel acht ik gelet op de verklaringen van verdachte in onderlinge samenhang bezien, alsmede de door het hof gebezigde bewijsconstructie, niet onbegrijpelijk. In zoverre kan de klacht evenmin tot cassatie te leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c13ae79e86962bbd2f94f2cd0db81ada17b798ae6f38f43c06b35e73247a0c89. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c13ae79e86962bbd2f94f2cd0db81ada17b798ae6f38f43c06b35e73247a0c89, en de alinea staat in dat document op bytes 21788 tot 22395.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/c13ae79e86962bbd2f94f2cd0db81ada17b798ae6f38f43c06b35e73247a0c89 | shasum -a 256