Citaat | Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017

Onder 12.21. Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 6 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:404.

In het strafproces is van belang dat gereguleerd onderzoek wordt gedaan naar de feitelijke toedracht van het strafbaar feit. Dat onderzoek moet zo veel mogelijk een deugdelijke feitelijke grondslag hebben. De rechter heeft dat onderzoek nodig bij het nemen van de bewijsbeslissing (…).In het strafproces is uiteindelijk iedereen gebaat met een deugdelijke vaststelling van de feiten. De rechter heeft een zelfstandige verantwoordelijkheid voor de deugdelijkheid, volledigheid en grondigheid van het onderzoek dat onder zijn leiding plaats vindt. Hij dient daarbij ‘the best available evidence’ na te streven. Onder omstandigheden moet daarvoor ook een beroep worden gedaan op de kennis en het oordeel van deskundigen. Artikel 344, eerste lid, onder 4°, bepaalt dat ‘verslagen van deskundigen behelzende hun gevoelen betreffende hetgeen hunne wetenschap hen leert omtrent datgene wat aan hun oordeel onderworpen is’ als schriftelijk bescheid en daarom ook als bewijsmiddel kunnen worden aangemerkt. (…).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ead4a6dfee5640790330dcf8b39a755381935090e1e991658784141d31d4f7a4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ead4a6dfee5640790330dcf8b39a755381935090e1e991658784141d31d4f7a4, en de alinea staat in dat document op bytes 220777 tot 221805.