Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017

Onder 2.22 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:41.

Hoewel de geestelijk vader van de Faillissementswet, Molengraaff, tot uitgangspunt neemt dat in de samenloop van onbetaalde schuldeisers de ‘raison d’ être’ van het faillissementsbeslag is gelegen, berust zijn (met name formeel getinte) bezwaar tegen het pluraliteitsvereiste er op dat dit, zoals in de uitspraak van de Hoge Raad van 1913 ook was onderkend, niet door de wet wordt gesteld. Het oordeel of sprake is van de wettelijk vereiste toestand van hebben opgehouden te betalen wordt door de wet voor ieder bijzonder geval geheel aan het oordeel van de rechter overgelaten, zonder dat feiten of omstandigheden worden genoemd van welker bestaan in ieder geval moet blijken. Het zou volgens Molengraaff niet op de weg van de Hoge Raad liggen om dergelijke vereisten alsnog te stellen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/11ca9ded1495815e722faebdd1ab86a08be26b2731a6b73afdfc0615a13f6a02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 11ca9ded1495815e722faebdd1ab86a08be26b2731a6b73afdfc0615a13f6a02, en de alinea staat in dat document op bytes 35895 tot 36766.