Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 2.28 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:413.

Op 8 juli 2014 hebben Ennia c.s. hoger beroep ingesteld tegen het eindvonnis van 3 juni 2014. Bij memorie van grieven van 19 augustus 2014 hebben zij daartegen zes grieven gericht. CSM heeft bij memorie van antwoord tevens akte van incidenteel appel en memorie van grieven in het incidenteel appel van 29 januari 2015 incidenteel appel ingesteld en daarbij één grief tegen het eindvonnis van 3 juni 2014 gericht, met de strekking dat de vordering van Ennia c.s. is verjaard. Deze stelling zou het GEA ten onrechte buiten beschouwing hebben gelaten. Nu het hof het incidenteel appel niet heeft beoordeeld en hierover in cassatie niet wordt geklaagd, bespreek ik deze grief hier niet nader.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf7732e5a00b7bcdd3d1617d640774fb3dfbedd80e07248ceada15c6034ae264. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf7732e5a00b7bcdd3d1617d640774fb3dfbedd80e07248ceada15c6034ae264, en de alinea staat in dat document op bytes 45731 tot 46434.