Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 3.42 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:414.

Verwarrend is echter dat het voor de hand ligt om te veronderstellen dat het ernstig verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever gecompenseerd moet worden omdat de werknemer daardoor zijn baan is kwijtgeraakt. Als het verwijtbare handelen of nalaten van de werkgever niet was uitgemond in het verlies van de arbeidsovereenkomst, zou er immers ook geen aanleiding zijn om de werknemer te compenseren. De verschillende wettelijke bepalingen waarin een recht op een billijke vergoeding wordt toegekend, zien ook alle op situaties waarin de werknemer zijn arbeidsovereenkomst verliest. Dat maakt het moeilijk om bij het bepalen van de billijke vergoeding geheel te abstraheren van de gevolgen van het verwijtbaar handelen of nalaten van de werkgever voor de werknemer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd, en de alinea staat in dat document op bytes 89199 tot 90017.