Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 3.55 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:414.

Mijn conclusie is dan ook – net als die van het overgrote deel van de auteurs – dat er onvoldoende grond is om aan te nemen dat de billijke vergoeding overwegend of in belangrijke mate een punitief karakter heeft, in die zin dat de hoogte van de billijke vergoeding met name zou moeten worden bepaald door wat afschrikwekkend is voor de werkgever. Dat laatste wordt in het algemeen ook als een ongewenste ontwikkeling beschouwd, met name vanwege het hiervoor al genoemde gevolg van sterk uiteenlopende billijke vergoedingen voor werknemers die zich, afgezien van de financiële draagkracht van hun werkgever, in vergelijkbare situaties bevinden. Maar, zoals gezegd, de billijke vergoeding kan onder omstandigheden wel mede een punitief karakter hebben, namelijk wanneer er geen sprake is van aantoonbare, concrete schade van de werknemer.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd, en de alinea staat in dat document op bytes 110270 tot 111237.