Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Onder 4.9 Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 april 2017, ECLI:NL:PHR:2017:414.

Onderdeel 4 heeft betrekking op rov. 5.23, waarin het hof beslist dat het de door [verzoekster] gemaakte kosten voor rechtsbijstand bij de vaststelling van de billijke vergoeding niet in aanmerking neemt, aangezien de in art. 237 Rv bedoelde kosten hiervoor een vergoeding plegen in te sluiten. Het onderdeel wijst erop dat [verzoekster] voorafgaand aan deze procedure driemaal rechtsbijstand heeft moeten inschakelen, namelijk toen de werkgever de arbeidsovereenkomst door middel van een vaststellingsovereenkomst zonder toekenning van een vergoeding wenste te beëindigen, toen de werkgever haar vervolgens als strafmaatregel schoonmaakwerkzaamheden liet verrichten en in de UWV-procedure. Het betreft hier geen kosten die zijn gemaakt in het kader van deze procedure maar in het kader van eerdere procedures. De kosten zijn daarmee volgens het onderdeel ten onrechte als kosten in de zin van art. 237 Rv aangemerkt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 152ebb81621f8e4a98c7b01758e577798c19cebd54145bedf6fb06d5e2bab1cd, en de alinea staat in dat document op bytes 155120 tot 156099.