Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2017

Onder 2.7 Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:430.

Aangaande verwijt (c1) heeft de rechtbank overwogen dat [eiser] zelf [betrokkene 1] bij de financiering van de transactie met [betrokkene 2] heeft betrokken en dat [eiser] [betrokkene 1] voorts per 1 januari 2010 als vaste adviseur van [A] heeft aangesteld. Naar het oordeel van de rechtbank mag het zo zijn dat [verweerder 2] er wijs aan had gedaan meer afstand van [betrokkene 1] te nemen, maar kan [eiser] onder deze omstandigheden niet aan [verweerder 2] verwijten dat hij hem niet voor [betrokkene 1] heeft gewaarschuwd. De tuchtrechtelijke veroordeling op dit punt betekent (dus) niet dat [verweerder 2] civielrechtelijk aansprakelijk is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03ba24936f97584d3fa7f9ddb2ffb55f04db176c11740e2288a3ae7b101b7005. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03ba24936f97584d3fa7f9ddb2ffb55f04db176c11740e2288a3ae7b101b7005, en de alinea staat in dat document op bytes 20281 tot 20973.