Citaat | Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017
Onder 4.23 Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 23 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:457.
7. De Hoge Raad ziet evenwel geen reden een onderscheid te maken tussen ‘inhoudelijke’ en ‘formele’ aspecten. Ik acht dat zonder meer juist. In de eerste plaats vindt ik het onderscheid nogal moeizaam. Zo het onderscheid al te maken is (de Hoge Raad lijkt dat in het midden te laten, nu hij spreekt over: “wat het Hof aanduidt als ‘betrekkelijk eenvoudige formele voorwaarden’”), levert de afbakening weer allerlei potentiële conflictstof op waar mijns inziens niemand op zit te wachten. In de tweede plaats zie ik niet in waarom een belasting- of inhoudingsplichtige die de nakoming van zijn fiscale verplichtingen volledig overlaat aan een deskundige adviseur er in beginsel niet van uit zou mogen gaan dat die adviseur ook meer formeel getinte voorwaarden naloopt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/feda9bf81b213173b2bff861c1569b232f0e988b731287fc66d3f25b974ba9d9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt feda9bf81b213173b2bff861c1569b232f0e988b731287fc66d3f25b974ba9d9, en de alinea staat in dat document op bytes 121817 tot 122615.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/feda9bf81b213173b2bff861c1569b232f0e988b731287fc66d3f25b974ba9d9 | shasum -a 256