Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017
Onder 5.6 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:46.
Uit de hiervoor geschetste totstandkomingsgeschiedenis van art. 9a Waadi is af te leiden dat de Nederlandse wetgever de bedoeling heeft gehad ten volle uitvoering te geven aan de uit de richtlijn voortvloeiende verplichtingen. Met de invoering van art. 9a Waadi beoogde hij art. 6 lid 2 van de richtlijn dan ook getrouw om te zetten in het nationale recht (zonder “nationale koppen”). Verder blijkt dat de wetgever aanknoopt bij de eerder (onder 4.9) aangehaalde toelichting van de Commissie bij het oorspronkelijke richtlijnvoorstel, dat de richtlijn beoogt om uitzendkrachten dezelfde kansen op een vaste baan bij de inlener te geven als de werknemers in die onderneming.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7972340923fb874770a2f578a8f09a1a96d56f79435798ebdbe7c75498636f2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7972340923fb874770a2f578a8f09a1a96d56f79435798ebdbe7c75498636f2a, en de alinea staat in dat document op bytes 83515 tot 84304.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7972340923fb874770a2f578a8f09a1a96d56f79435798ebdbe7c75498636f2a | shasum -a 256