Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017

Onder 11.3 Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 februari 2017, ECLI:NL:PHR:2017:46.

Op grond van de hiervoor uiteengezette argumenten (samengevat onder 10.1 tot en met 10.6) meen ik dat het oordeel van het hof in rov. 6.3, dat het belemmeringsverbod van art. 9a Waadi slechts ziet op de situatie waarin de opdrachtgever (de Huisartsenpraktijk of [betrokkene 2]) [eiser] na afloop van de terbeschikkingstelling in dienst zou willen nemen, blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting. Indien [eiser] voor wat betreft zijn werkzaamheden voor de Huisartsenpraktijk en/of [betrokkene 2] voldoet aan het criterium dat hij “ gedurende een bepaalde tijd voor een andere persoon en onder diens leiding (van de Huisartsenpraktijk en/of [betrokkene 2]) prestaties levert en in ruil daarvoor een beloning ontvangt ”, is sprake van een arbeidsverhouding die materieel gelijk te stellen is met een werknemersrelatie. Een richtlijnconforme interpretatie van art. 9a Waadi brengt mee dat ook een dergelijke arbeidsrelatie onder het belemmeringsverbod valt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7972340923fb874770a2f578a8f09a1a96d56f79435798ebdbe7c75498636f2a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7972340923fb874770a2f578a8f09a1a96d56f79435798ebdbe7c75498636f2a, en de alinea staat in dat document op bytes 151478 tot 152520.