Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017

Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:468.

In onze zaak draait het om het verweer van [verweerster] dat niet is aangetoond dat de Stichting, als [verweerster] de haar verweten beroepsfout niet had begaan, verhaal had geboden . [verweerster] stelt aldus het causaal verband tussen de haar verweten tekortkoming en de gestelde schade aan de orde. De vraag is of het hof de bewijslast ten aanzien van de kwestie of de Stichting verhaal had geboden juist heeft vastgesteld. Hiertoe dient, nu volgens de hoofdregel van art. 150 Rv de partij die zich beroept op de rechtsgevolgen van de door haar gestelde feiten de bewijslast van die feiten dient te dragen , het door [verweerster] opgeworpen verweer te worden gekwalificeerd: gaat het om een verweer tegen de grondslag van de vordering (ook wel het normaaltype van een “nee, want-verweer” genoemd) of om een zelfstandig of bevrijdend verweer (“ja, maar-verweer” in juridisch steno)? Een “nee, want-verweer” is een betwisting van de feiten die de eiser heeft aangevoerd in verband met de door hem ingeroepen rechtsgevolgen. Het bewijsrisico daarvan ligt bij eiser, omdat deze zich op de tekortkoming beroept. Aan een bevrijdend of “ja, maar-verweer” zijn feiten ten grondslag gelegd die meebrengen dat de door de wederpartij gestelde feiten, ook al zouden die juist zijn, niet tot de door de eiser ingeroepen rechtsgevolgen leiden. Dan draagt niet eiser maar gedaagde het bewijsrisico . Een oordeel over de kwalificatie van een verweer, welke grens niet altijd scherp te maken is , hangt nauw samen met de uitleg van wat partijen naar voren hebben gebracht en die uitleg is in principe aan de feitenrechter voorbehouden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8bcb83632a1e3d94efdce75c4258dfee4f2cdb90fd72752089cfb01638fa4c9a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8bcb83632a1e3d94efdce75c4258dfee4f2cdb90fd72752089cfb01638fa4c9a, en de alinea staat in dat document op bytes 36050 tot 38017.