Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017
Onder 3.31 Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 mei 2017, ECLI:NL:PHR:2017:470.
Dienovereenkomstig ligt het mijns inziens ook op de weg van de werknemer om de andere uitzondering op de hoofdregel van art. 7:627 en 7:628 lid 1 BW (te weten dat de arbeid niet is verricht door een voor rekening van de werkgever komende oorzaak) te stellen en zo nodig te bewijzen. In de onderhavige zaak heeft Orthocenter in eerste aanleg gesteld dat [eiser] zich niet heeft verzet tegen het einde van de arbeidsovereenkomst per mei 2013. In hoger beroep heeft Orthocenter daaraan bij memorie van antwoord toegevoegd dat [eiser] zich na eind mei 2013 niet beschikbaar heeft gesteld voor het verrichten van werkzaamheden. Er is in dat geval (anders dan in het hiervoor geciteerde arrest Hema/ [...] en anders dan bij een schorsing of in het geval de werknemer op non-actief wordt gesteld) evenmin sprake van een situatie waarbij de arbeid niet is verricht door een voor rekening van de werkgever komende oorzaak. [eiser] heeft daarentegen in de genoemde randnummers van zijn processtukken geen stellingen ingenomen die erop neerkomen dat hij ook na mei 2013 bereid was om de bedongen arbeid te verrichten. In de genoemde randnummers is evenmin gesteld dat de arbeid niet is verricht door een oorzaak die in redelijkheid voor rekening van Orthocenter dient te komen. Bovendien is er op geen van beide punten een specifiek bewijsaanbod gedaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/151c5f8d46d10e8e1d6a24bc0e37a195cce35463358c6f7f9fdecc7b4d706c19. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 151c5f8d46d10e8e1d6a24bc0e37a195cce35463358c6f7f9fdecc7b4d706c19, en de alinea staat in dat document op bytes 84214 tot 85698.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/151c5f8d46d10e8e1d6a24bc0e37a195cce35463358c6f7f9fdecc7b4d706c19 | shasum -a 256