Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Onder 2.13 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:477.

In rov 4.14-4.16 heeft het hof geoordeeld dat Coop niet gerechtigd was de overeenkomst te ontbinden op grond van art. 10.3 van de samenwerkingsovereenkomst. Het hof heeft daartoe overwogen dat afgesproken was dat de winkel in het begin dagelijks zou worden bevoorraad, zodat niet verwonderlijk is dat [eiser] geïrriteerd raakte toen dat niet gebeurde (rov. 4.14). Verder heeft het hof in dit verband overwogen dat [eiser] de weekfacturen over week 24 en 25 van 2007 pas behoefde te betalen als door Coop bankfinanciering was geregeld en dat Coop de facturen in november 2007 daarom niet terstond opeisbaar mocht verklaren (rov. 4.15). Tot slot heeft het hof in dat kader overwogen dat Coop het overbruggingskrediet niet eenzijdig van € 500.000,- heeft mogen beperken tot € 430.000,- (rov. 4.16). Het hof is aldus tot het oordeel gekomen dat de ontbinding door Coop op basis van art. 10.3 van de samenwerkingsovereenkomst geen stand houdt (rov. 4.17).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00eee41073546d2cc48fcb3361c1f75afc664bbb3f8229d6cb784927d7a81deb. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00eee41073546d2cc48fcb3361c1f75afc664bbb3f8229d6cb784927d7a81deb, en de alinea staat in dat document op bytes 27205 tot 28174.