Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Onder 2.11 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:478.

“Art. 6:101 lid 2 houdt in dat indien de vergoedingsplicht schade betreft die is toegebracht aan een zaak die een derde voor de benadeelde in zijn macht had, bij toepassing van art. 6:101 lid 1 omstandigheden die aan de derde kunnen worden toegerekend, worden toegerekend aan de benadeelde. In de totstandkomingsgeschiedenis is over de ratio van deze bepaling onder meer opgemerkt dat het voor de aansprakelijke geen verschil zou moeten maken of de zaak die hij beschadigde, toebehoorde aan de medeschuldige die haar in zijn macht had of dat deze de zaak voor een ander onder zich had (vlg. MvA II, Parl. Gesch. Boek 6, blz. 352-353). Gelet op deze strekking van art. 6:101 lid 2 BW geeft het oordeel van het hof blijk van een onjuiste rechtsopvatting, zodat ook dit onderdeel slaagt.” (rov. 3.5)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554, en de alinea staat in dat document op bytes 36247 tot 37124.