Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017
Onder 2.21 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:478.
Art. 3:12 BW biedt een leidraad voor wegingsfactoren bij de billijkheidscorrectie. Op grond van art. 3:12 BW dient bij de vaststelling van wat redelijk en billijk is, rekening te worden gehouden met algemeen erkende rechtsbeginselen, met de in Nederland levende rechtsovertuigingen en met de maatschappelijk en persoonlijke belangen die bij het gegeven geval zijn betrokken. Hierbij kan onder meer gedacht worden aan de ernst van wederzijds gemaakte fouten, de mate van verwijtbaarheid, de aard van de aansprakelijkheid, de rechtsverhouding tussen dader en benadeelde, het abstracte Betriebsgefahr , aard en ernst van de schade . In de Parlementaire Geschiedenis bij art. 6:101 BW valt hierover te lezen:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554, en de alinea staat in dat document op bytes 46173 tot 46987.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554 | shasum -a 256