Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Onder 3.4 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:478.

Wat betreft het tweede punt, heeft het hof in rov. 8 deze omstandigheid gebruikt voor de verwerping van (kort gezegd) het primaire standpunt van de Staat. Uit hetgeen het hof daar overweegt, volgt dat omstandigheden die zich hebben voorgedaan aan de zijde van de benadeelde eigenaar – anders dan de Staat had beweerd – in het kader van de billijkheidscorrectie mogen worden meegewogen. Bij de toepassing van de billijkheidscorrectie moet rekening worden gehouden met alle relevante omstandigheden van het geval. Dat volgt uit de tekst van art. 6:101 lid 1 BW en is door de kantonrechter in rov. 5.3 en door het hof in rov. 9 nog eens herhaald. Dat het hof vervolgens is ingegaan op de kwestie van de verwijtbaarheid, houdt verband met de door de Staat aangevoerde grief, maar wil niet zeggen dat daarnaast andere omstandigheden waaraan het hof betekenis had gehecht, zoals de in dit middelonderdeel bedoelde omstandigheid, bij de beoordeling van het (meer) subsidiaire standpunt van de Staat buiten de afweging zijn gebleven. De klacht faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt cf461a3583be3baee5fd38ce356673f893f38b399a43dff8bfb9432ad31f9554, en de alinea staat in dat document op bytes 60661 tot 61720.