Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Onder 2.16 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:479.

“[verweerder] stelt dat [eiser] opdrachtgever zou zijn gebleven, ook al zou hij – in persoon – geen onderneming meer voeren. Die stelling is onhoudbaar, omdat het bepaald niet gebruikelijk is dat de administratiekosten van [verweerder] die de onderneming maakt, door een derde (in de persoon van [eiser]) zouden moeten worden betaald. Sterker nog, het dient geen enkel doel. [verweerder] moet stellen en bewijzen dat in casu expliciet andere afspraken zijn gemaakt dan hetgeen gebruikelijk is. Van een borgstelling door [eiser] is geen sprake. Bovendien had [verweerder] in dat geval eerst Ketenzorg De Linge Beheer B.V. moeten aanspreken, hetgeen [h]ij nooit gedaan heeft.”

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/075307a3ecd8fd93c29ecc06a59489fdd1af07cc0aed913a56a8adb66be35943. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 075307a3ecd8fd93c29ecc06a59489fdd1af07cc0aed913a56a8adb66be35943, en de alinea staat in dat document op bytes 22556 tot 23251.