Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Onder 3.19 Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juni 2017, ECLI:NL:PHR:2017:484.

Zoals hiervóór reeds aan de orde kwam, acht ik de subonderdelen 1.3 en 1.4 gegrond voor zover zij betogen dat het hof het toekomstige karakter van de gevolgen van de bevolkingskrimp voor het litigieuze project heeft miskend. Dat de bedoelde bevolkingskrimp gevolgen zou hebben voor het litigieuze project, en welke gevolgen dat zouden zijn, kwam eerst vast te staan met de vaststelling van het KWP3, de daarop gebaseerde Regionale Verdeling en de implementatie daarvan door de Gemeente in de Notitie keuzes in woningbouwplanning. Ook in rov. 5.9 is het hof onmiskenbaar ervan uitgegaan dat “de Gemeente ten tijde van het sluiten van de SOK had moeten en kunnen weten dat de toen reeds bestaande bevolkingskrimp gevolgen zou gaan hebben voor woningbouwprojecten waaronder het Project met [verweerster 1]” . Indien en voor zover (ook) het oordeel van het hof over de informatieplicht van de Gemeente op dit uitgangspunt rust, werkt het welslagen van de subonderdelen 1.3 en 1.4 inderdaad in dat oordeel door .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02b29fa6b1a92751406bcf006db72c7d623911be4180f8803afedce787e54e5e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02b29fa6b1a92751406bcf006db72c7d623911be4180f8803afedce787e54e5e, en de alinea staat in dat document op bytes 95978 tot 97101.